Vrouwen VS Mannen.
Laten we de strijd tussen de seksen dan maar is onder de loop leggen.
Disclaimer: Deze column is langer dan gebruikelijk.
Disclaimer 2: Er zijn geen mannen gewond geraakt tijdens het opstellen van deze tekst.
Hoe fantastisch is het om een vrouw te zijn! Ja, ik weet het, het komt ook met een hoop ellende, maar bekijk het zo: Zou je dan liever een man willen zijn? Nee? Mij ook niet gezien. Vrouw-zijn is het vermogen om te leven in paradoxen. We zijn krachtig en kwetsbaar, sensueel en razendslim, bescheiden en brutaal. We zijn schakelpanelen vol lagen, dimensies en een gelaagdheid die Kafka zou doen duizelen. Vrouw-zijn is de combinatie van intuïtieve precisie, een ingebouwd alarmsysteem voor sociale spanningen en het vermogen om zes dingen tegelijk te doen terwijl we een tampon wisselen en iemand therapeutisch advies geven in een WhatsApp voicebericht. Wat dacht je van de magie van vrouwen vriendschappen? Die zeldzame, heilige verbintenissen waarin je naadloos kunt schakelen tussen diep filosofisch zelfonderzoek, “Zullen we samen huilen bij deze documentaire over zwanen?” en een fel debat over wie de beste Spice Girl was (het is Geri. En wie iets anders zegt, heeft innerlijk werk te doen).
En dan dat lichaam. Ons lichaam is een wonderlijk terrein waar de wetten van de natuur zich vermengen met het absurde. We bloeden zonder te sterven. Onze tepels veranderen van humeur. Hoe geweldig is dat?! Al die rollen die we vervullen; moeder, dochter, geliefde, vriendin, witte heks, feminist op het randje van burn out. En toch lukt het ons om te léven in plaats van alleen te functioneren. Laat ons nooit vergeten dat we, ondanks alles, wonderen op hakken zijn. Of in sneakers. Of blootsvoets, rennend door het gras met een slingerende, brandende tampon in de hand als fakkel van vrijheid.
Maar wij godinnen kunnen natuurlijk niet in alle rust genieten van onze tepel-gevoelige uitmuntendheid. Nee. Enter de toxische alfa kneus. Hij kauwt op zijn proteïnereep alsof het een stuk mammoet is, laat zijn biceps terloops trillen bij het oppakken van zijn sleutels en zegt dan, met die diepe overtuiging: “Wij zijn de jagers.” *Ergens op de achtergrond klinkt de kreet van een machtige adelaar.* Hij zegt het niet, hij verkondigt het. Vuist op de borst, ogen glinsterend alsof hij een flashback heeft naar zijn tijd in Vietnam. (Backpacken, niet de oorlog.) “Vroeger joegen wij. Jullie plukten bessen. Het zit in onze natuur. Daarom zijn wij nog steeds de leiders, de ondernemers, de dominante types. Want: jachtinstinct.”
Ik sterf even van binnen terwijl ik zijn gezwets aan hoor.
Het idee dat vrouwen slechts passieve bessenscharrelaars waren in de prehistorie, terwijl de mannen heldhaftig door de wildernis stoofden om met speren op everzwijnen te jagen, is een mythe die vooral floreert in sportscholen en podcasts met namen als Alpha Rising. In werkelijkheid hebben archeologen in de afgelopen decennia talloze vrouwelijke skeletten gevonden begraven mét jachtwapens. Jachtwapens, ja. Geen bessenmandjes. En geen mannenhand die haar handje vasthoudt omdat ze anders verdwaalt in de savanne.
Sterker nog: vrouwen bleken vaak betere jagers. Waarom? Omdat ze samenwerkten. Omdat ze een plan maakten. Omdat ze geen tijd hadden voor haantjesgedrag of testosteron-tetris. Ze bespraken strategieën, deelden voedsel, en maakten ondertussen ook nog even een draagdoek van bastvezels voor hun baby. Waar komt dit foutieve verhaal dan vandaan? Feit is dat de theorie over evolutionair mannelijk leiderschap gebaseerd was op de aanname van een groepje mannelijke wetenschappers dat ‘vrouwe te zwak waren om te jagen’. Daar was verder nooit onderbouwend bewijs voor.
Dat de “jager-man versus verzamel-vrouw”-theorie allang onderuit is gehaald door echte wetenschap? Ach, dat blijft hangen als scheetjes in de wind. De mythe waarin mannelijkheid gelijkstaat aan kracht, aan actie, aan dominantie. En vrouwelijkheid aan zorgzaamheid, aan dienstbaarheid, aan het optillen van baby’s terwijl je zwijgend bewondering uitstraalt voor zijn bekwaamheid om elk dier dat een angstige adem uitblaast te doden. “Wij jagen. Jullie zorgen.” En daarachter de onuitgesproken boodschap: “Dus wij heersen. En jullie volgen.” En je raad al wie deze false narratieve in stand houden, hè? Jep, mannen. Het bevalt ze namelijk prima. En tot de dag van vandaag proberen er hordes mannen massaal nog steeds vrouwen op de tweede plek te zetten. Eerst was het door ons stemrecht te ontzeggen, tegenwoordig doen ze het in vrouw onvriendelijke podcasts.
Nou, daar ben ik dus zo klaar mee. In een ideale wereld zouden mannen en vrouwen gelijke kansen hebben. Gelijke rechten. Gelijk loon. Gelijke ruimte om te falen en te schitteren. Maar telkens wanneer vrouwen opstaan om hun plek op te eisen, duikt er ergens weer een man op die “oerinstincten” erbij sleept alsof dat een geldig argument is om geen luiers te hoeven verschonen of om vrouwelijke bazen te wantrouwen. Hij slaat op zijn borst en roept dat hij nog steeds de natuurlijke leider is, puur omdat hij een koelkast in zijn eentje kan tillen.
Dus als we dan toch steeds uitgedaagd worden op “wie het sterkste geslacht” is, laten we die handschoen dan maar oppakken.
Laten we eens inventariseren. Niet om mannen te kleineren, maar om even de feiten op en rijtje te zetten. Met cijfers. Feiten onderbouwd door wetenschap. Laten we dus maar eens kijken wie hier echt het sterkere geslacht is. Dan gooien we de statistieken op tafel als een stapel UNO-kaarten in de finale-ronde.
Laat ik meteen de grootste misvatting tackelen: ja, mannen hebben gemiddeld meer spiermassa. Gefeliciteerd. Jullie zijn biologische heftrucks. Maar kracht is niet enkel biceps en bankdrukken. Biologische kracht is: wie overleeft het langst, past zich het best aan, draagt de zwaarste lasten zonder klagen?
Laten we beginnen met lichamelijk.
Minder spiermassa, maar hogere spieruithouding. Vrouwen kunnen spiervermoeidheid langer uitstellen dan mannen bij matige inspanning. Onze spieren geven niet op na drie reps en een selfie. We klagen zachtjes, verwerken trauma’s en tillen de wasmand.
Vrouwen zijn efficiënter in energieverbruik tijdens inspanning. Onderzoek wijst uit dat vrouwen bij duurinspanning vet als brandstof beter benutten dan mannen, wat ons duurzamer maakt bij langdurige fysieke inspanning.
Vrouwen hebben kleinere organen, maar betere efficiëntie. Longcapaciteit en hartgrootte zijn kleiner, maar vrouwen halen uit minder capaciteit tóch hoge prestaties. Wij zijn eigenlijk gewoon kleine motortjes met turbo. Mannen zijn V8-motoren die al bij de oprit gaan lekken.
Vrouwen zijn flexibeler (letterlijk). Gemiddeld hebben vrouwen een groter bewegingsbereik in gewrichten. We kunnen onze benen achter ons hoofd leggen terwijl we excuses formuleren voor iets dat een man heeft gedaan.
Vrouwen zijn minder vatbaar voor blessures bij plotselinge bewegingen. Door hun betere coördinatie en evenwichtsgevoel zijn vrouwen minder geneigd hun enkel te verzwikken tijdens sport. Waar mannen struikelen over een gedachte, landen vrouwen elegant in een squat, met hun handtas nog perfect in balans.
Grotere veerkracht na letsel. Studies suggereren dat vrouwen sneller of efficiënter herstellen van bepaalde blessures, zoals hersenschuddingen. Je kan ons laten vallen, breken of verstuiken, we resetten gewoon ons innerlijke kompas en gaan door.
Levensverwachting. Wist je dat vrouwen gemiddeld ouder worden dan mannen? In elke samenleving, bij elke bevolkingsgroep, in elke uithoek van de wereld. Volgens de WHO leven vrouwen gemiddeld vijf jaar langer. En we doen dat niet omdat we op een yogamatje liggen te fermenteren. Nee. We leven langer terwijl we multitasken, emotionele arbeid verrichten, bloeden zonder medische ondersteuning én elke dag een oordeel trotseren over onze fronsrimpel. Wij spelen het leven niet uit, wij lopen rond in de bonuslevel.
Vrouwen hebben een sterker immuunsysteem. Dat is geen spiritueel geneuzel maar keiharde wetenschap. Onze dubbele X-chromosomen geven ons genetisch meer gereedschap om virussen te verslaan. Daarom zie je bij elke pandemie een hogere mannelijke sterfte. En toch denken mannen nog steeds dat wij tere zieltjes zijn omdat we niet lachen om hun memes over “vrouwen en logica”.
Pijn, lieve mensen. Pijn is een hoofdstuk apart. Een studie uit 2020 gepubliceerd in het vakblad Brain liet zien dat vrouwen een hogere pijntolerantie hebben. En nee, dat is niet alleen vanwege de bevalling. Vrouwen verwerken pijn anders. We baren baby’s, ontharen onze eigen bikinilijn met gesmolten bijenwas, en lopen daarna glimlachend een sollicitatiegesprek in. Terwijl mannen klagen over een ‘harde stoel’.
Hormonen. Vrouwen functioneren onder invloed van een maandelijks hormonaal chemisch oorlogsspel… en doen tegelijk de boodschappen. Menstruatie staat gelijk aan maandelijks overleven aan de rand van de beschaving. Hormoonschommelingen, bloedverlies, krampen. Stel je voor dat een man bloed uit zijn geslachtsdeel zou verliezen: Spoedopname. Live verslag op het journaal. Traumahelikopter.
Vrouwen hebben een betere vetverdeling voor overleving. Vrouwelijk lichaam slaat vet op rond heupen en dijen, wat niet alleen nuttig is voor vruchtbaarheid, maar ook voor energiereserves bij hongersnood. We zijn biologisch ontworpen als voorraadkast met elegantie: slank ogende bunkers voor noodsituaties, maar dan in een alo yogabroek.
Minder kans op hartaanvallen op jonge leeftijd. Dankzij oestrogeen zijn vrouwen vóór de menopauze beter beschermd tegen hart- en vaatziekten. Onze harten zijn zo goed beveiligd dat zelfs een inbraakpoging door stress, roomboter of een Tinderdate weinig kans maakt. Lagere bloeddruk betekend minder risico’s. Vrouwen hebben gemiddeld een lagere bloeddruk tot de menopauze, wat beschermt tegen beroertes en hartaandoeningen.
Reukzin. Wetenschappelijk bewezen: vrouwen ruiken gemiddeld beter (biologisch dan). Dit is evolutionair nuttig voor het detecteren van voedsel en ziekte. We ruiken overigens ook nog emotionele schade, passieve agressie én het feit dat een kerel liegt over “maar één biertje”.
Warmte regulatie. Vrouwen verdragen meer hitte. Dankzij oestrogeen reguleren vrouwen hun lichaamstemperatuur efficiënter.
Bevalling. Punt.
En hoe zit het dan mentaal?
Multitasken als olympische sport. Vrouwen activeren meerdere hersengebieden tegelijk bij complexe taken. We appen, ovuleren, bakken bananenbrood, checken de groepsapp en vangen een kind op met onze dij terwijl we een IKEA-kast in elkaar zetten.
Laat me even een gedachte-experiment doen: Zet een man in een kamer met drie huilende baby’s, een e-mail van zijn baas, een pan kokende pasta, een vriend in emotionele crisis, een klagende kat en een onverwachte Zoom-call. Zet daar een vrouw naast met hetzelfde takenpakket. Wie zie je binnen drie minuten een Pinterest-board maken, de kat knuffelen, de baby’s wiegen op het ritme van de pasta en ondertussen een therapeutische mail typen in capslock met hartjes? Juist. Het is de vrouw. Want vrouwen zijn logistiek wondermateriaal. Projectmanagers van het bestaan. Onze organisatie skills zijn veruit superieur aan die van mannen.
Mentale uithoudingsvermogen. Vrouwen worden opgevoed met een crashcursus in onzekerheid: leer glimlachen als je genegeerd wordt, leer sorry zeggen als je slaagt, leer schamen als je honger hebt. En toch staan we op. Elke dag. We functioneren onder permanente beoordeling. Kleding, uiterlijk, gedrag, stem, houding: vrouwen leven onder constante publieke audit. We doen eyeliner op als warpaint en dansen op de puinhopen van opgelegde verwachtingen. Wij breken niet.
Vrouwen doen het academisch beter. Vrouwen behalen vaker diploma’s, scoren hoger op gemiddeld IQ en uitgesteld beloningsvermogen.
Survival of the fittest draait om aanpassingsvermogen. Darwin bedoelde met “fittest” niet “het breedst gebouwd” maar “wie zich het best aanpast”. En laat aanpassing nou nét ons hele specialisme zijn. Vrouwen passen zich aan tot we glimlachen om een grap die ons beledigt, terwijl we ondertussen het ego van de verteller vasthouden als een porseleinen vaas. We herontdekken onszelf voortdurend. Vrouwen zijn meesters in identiteitsshifts: moeder, minnaar, leider, kunstenaar. Soms allemaal tegelijk.
Emotionele intelligentie. Vrouwen scoren hoger op empathie, sociale afstemming en mentale veerkracht. Wij voelen zelfs nog aan wanneer een plant ongelukkig is. Mannen merken het niet eens als hun vriendin al drie weken communiceert via passief-agressieve Spotify-playlists. We hebben innerlijke landschappen waar Tolkien jaloers op zou zijn. Vrouwen denken en voelen gelaagder, abstracter, complexer. Onze innerlijke wereld is een doolhof van spiegels, trauma’s en to-do-lijstjes.
We overleven structureel sociaal onrecht. Vrouwen leven onder voortdurende druk van ongelijkheid, en slagen er toch in te bloeien. Elke vrouw is zo ongeveer een pioenroos die bloeit in een vuilnisbelt vol mansplaining, seksistische grappen, de loonkloof en kapsalonlucht.
We zijn sociale lijm. Vrouwen bouwen en onderhouden sociale netwerken die essentieel zijn voor mentale gezondheid en overleving. We zijn evolutionair gemaakt voor samenwerking, niet dominantie. In stammen waren vrouwen vaak de bruggenbouwers, diplomaten, netwerkers. Mannen bouwden wapens, vrouwen bouwden samenlevingen. En daarna deden ze alsof het andersom was.
We zijn beter in samenwerken en onderhandelen. Minder gericht op dominantie, meer op harmonie en resultaat. Terwijl mannen nog vechten over wie de baas is, hebben vrouwen allang het plan herschreven, het doel bereikt én de catering geregeld.
Stressbestendig. Vrouwen zijn evolutionair ontworpen om betere keuzes te maken in stress situaties. Onder stress schakelen vrouwen vaak naar een ‘tend-and-befriend’ respons in plaats van agressie. We gaan niet direct slaan. We organiseren een groepsoverleg, evalueren gedrag. Onder chronische stress presteren vrouwen beter dan mannen.
Trauma verwerking. Vrouwen zijn veerkrachtiger na trauma. Studies tonen aan dat vrouwen mentaal beter herstellen van ingrijpende gebeurtenissen.
Biologische investering en commitment. Vrouwen investeren evolutionair gezien méér in voortplanting en kiezen dus selectiever, slimmer. Mannen planten zich voort als confetti. Vrouwen als UNESCO-werelderfgoed: met beleid en onderhevig aan voorwaarden.
Praten over gevoelens creëert emotionele weerbaarheid. Wij worden niet zweterig van het woord ‘gevoel’. Vrouwen praten gemiddeld meer over emoties en zijn dus mentaal flexibeler. Een vrouw verwerkt een break-up, analyseert de jeugdtrauma’s van haar ex en bestelt een nieuwe vibrator in dezelfde sessie.
Vrouwen maken 80% van alle consumptiebeslissingen in de westerse wereld. Dit is geen feministische hyperbool, maar een jarenlang terugkerende uitkomst in marketingonderzoek. Economische macht betekend invloed. Vrouwen sturen de wereldeconomie aan. Onze koopkracht is vele malen sterker dan die van mannen. Vrouwen nemen bovendien minder irrationele financiële risico’s.
Vrouwen zijn vaak de eerste lijn van verdediging tegen maatschappelijke instorting. In oorlog, armoede, pandemieën: vrouwen vangen klappen op en zorgen voor de gemeenschap. Als de wereld brandt, zie je vrouwen marshmallows roosteren op het vuur terwijl ze een evacuatieplan typen. De mannen zijn vooral druk met rondjes rennen terwijl ze hun vuisten op hun borst slaan. Tijdens crisissituaties (zoals COVID) bleken vrouwelijke leiders effectievere maatregelen te nemen.
Bij ruimtevaartonderzoek bleken vrouwen efficiëntere astronauten te kunnen zijn (minder ruimte, voedsel, afval). NASA deed al in de jaren ‘60 tests waaruit bleek dat vrouwen fysiek en psychologisch geschikter waren voor lange ruimtemissies, maar toen werd het idee weggelachen. Terwijl vrouwen lichter zijn, minder calorieën nodig hebben en stabieler blijven onder isolatie. Sinds het begin van de ruimtevaart zijn er 360 astronautenkandidaten geselecteerd door NASA, waarvan 299 mannen en 61 vrouwen. In totaal hebben meer dan 600 mensen de ruimte bereikt, waarvan slechts ~75 vrouwen, oftewel rond de 12‑13 % .
De andere kant.
Luister, ik ben de beroerdste niet. We kunnen het ook even van de andere kant bekijken. Wat zijn de argumenten die bijvoorbeeld de onuitstaanbare podcast bro’s opgooien? Laten we ze even bekijken, voor we ze lachend onderuit schoppen.
Mannen zijn fysiek sterker. Punt. Dit is een van hun “sterkste” argumenten. Maar jongens, als brute kracht het belangrijkst was, zaten we nu nog in berenvellen speren te gooien naar de zon.
Mannen hebben grotere hersenen. Ja, maar vrouwen gebruiken hun hersens efficiënter, met sterkere verbindingen tussen de hemisferen. Een grotere oven betekent niet dat je betere koekjes bakt.
Mannen nemen meer risico’s en bereiken daardoor meer. Ze nemen risico’s, ja. Daarom hebben ze ook hogere sterftecijfers en meer verkeersdoden. Vrouwen nemen gecalculeerde risico’s. Mannen nemen selfies op de rand van een klif.
Mannen domineren de top in wetenschap, technologie en politiek. Ook wel logisch als je vrouwen eeuwenlang structureel weg houd uit het onderwijs en hogere functies. Dan krijgen mannen een valse start. Dat is geen superioriteit, dat is structurele voorkruiperij.
Vrouwen zijn emotioneler en daardoor instabieler. Wij huilen. Mannen slaan gaten in muren en noemen het ‘even stoom afblazen’. Vrouwen reguleren hun emoties, mannen kiezen voor agressie. En wij zijn de instabiele factor?? Volgens de wetenschap zijn vrouwen gemiddeld juist béter in het combineren van rationele en emotionele informatie bij besluitvorming. Wij voelen én denken. Dit maakt ons niet labiel. Hierdoor maken wij meer weloverwogen beslissingen. “Mannen zijn rationeler.” Als dat zo was, dan zou de geschiedenis niet uit 90% oorlogen bestaan omdat iemand zich gekrenkt voelde in zijn ego. Rationeel is: “Laten we praten.” Niet: “Laat ik je land bombarderen.”
Maar goed, mannen hebben inderdaad grotere spierballen. Ik weet alleen niet hoe belangrijk dat nog is in de moderne wereld, behalve dan voor esthetische doeleinden. Ik mis er volgens mij niet veel aan. Het is niet alsof ik midden in een bespreking ineens moet bukken voor een boomstam.
(Toxic) Mannen zeggen vaak dat vrouwen het zwakkere geslacht zijn. Dat vrouwen niet logisch kunnen denken, dat we labiel zijn, dat we ons laten leiden door onze emoties. Maar eerlijk? Als overleven een olympische sport was, hadden wij vrouwen de gouden medaille. Niet voor sprinten of gewichtheffen, maar voor multitasken onder druk en emotioneel koorddansen.
En zo zijn we aangekomen in een tijdperk dat voor veel mannen aanvoelt als het einde van hun tijd. De mannen die dachten dat hun bestaansrecht voortkwam uit onmisbaarheid. Die geloofden dat de speer hun paspoort was tot gezag. Die dachten dat ze hun waarde ontleenden aan het feit dat iemand hen nodig had. En nu… nu zijn er steeds meer vrouwen die wakker worden en in zien dat ze niet langer een man nodig hebben. De millenials zijn de eerste generatie vrouwen die vanaf geboorte groot zijn gebracht met de kennis dat ze zonder mannen kunnen leven. Hypotheek? Regelt zij zelf. Zaad? Bestelt ze online. Auto? Least ze. Seks? Met onszelf, met elkaar, of met iemand die zijn eigen was doet.
“Maar vrouwen huilen sneller,” hoor ik die tanktopbro kreunen. Klopt. Omdat we durven voelen. Omdat we weten dat huilen geen zwakte is, maar ontluchten. Dus nee, bro. Vrouwen zijn niet het zwakkere geslacht. We zijn het meest getrainde, geëvolueerde, uithoudingskampioen-winnende, empathisch-geniale, sociaal overgekwalificeerde, hormonaal-gecoördineerde powerpack dat deze planeet ooit heeft voortgebracht.
En het is fascinerend. Want wij vragen niet om overheersing. Wij vragen niet om matriarchale koninkrijken waarin mannen onze voeten masseren terwijl wij de wereld besturen in zijden gewaden (hoewel ik eerlijk gezegd niet nee zou zeggen tegen die laatste optie). Nee. Wat we willen, is gewoon: gelijkheid. Gelijke rechten. Gelijke kansen. Gelijke ruimte om mens te zijn, zonder permanent onder curatele van het patriarchaat te staan.
Maar toch blijven er van die nare mannetjes tegen vechten. “Wij zijn het sterkste geslacht. Wij zijn de baas. Oega boega boega!” Nou, we hebben net even de stats bekeken. En guess what? Dan win je niet, bro. Niet fysiek, niet mentaal, niet evolutionair, niet hormonaal, niet organisatorisch, niet in multitasken, niet in crisismanagement, niet in het kunnen voelen én handelen tegelijkertijd. Dus de volgende keer dat je met je alpha-podcaststem beweert dat mannen nu eenmaal het sterkste geslacht zijn, probeer dan even deze realiteit in te ademen:
Wij dragen baby’s, trauma’s, werkstress, sociale planning, menstruatiepijn, systeemdruk én jullie ego’s, tegelijkertijd, en we doen het terwijl we nog goed voor onszelf zorgen ook.
Want als je de feiten naast elkaar legt, als je even objectief kijkt naar wat vrouwen allemaal kunnen, en waarin we uitblinken, en daartegenover zet waarin mannen goed zijn (namelijk: zwaar tillen, hard rennen, en in sommige gevallen een barbecue aansteken zonder hun wenkbrauwen te verliezen) dan kun je eigenlijk maar tot één logische conclusie komen: vrouwen zijn het sterkere geslacht. Niet alleen fysiek veerkrachtiger, mentaal robuuster, hormonaal complexer en maatschappelijk functioneler, maar ook evolutionair superieur.
En dan heb ik het nog niet eens over dat ene, lastig te negeren biologische feit: wij kunnen nieuw leven voortbrengen en mannen niet. Als morgen alle vrouwen verdwijnen, is de mensheid klaar. Uitgestorven. Maar als morgen alle mannen wegvallen, dan trekken we een lade open in een spermabank en gaan we verder. Dus voordat iemand een Darwin-achtig survival of the fittest argument inzet om een vrouw de les te lezen, is het misschien goed om te onthouden wie hier evolutionair gezien geen luxe, maar een absolute voorwaarde is.
Maar wij proberen niet te overheersen. We willen alleen maar gelijkheid.
Stel je voor dat vrouwen het patriarchale script zouden omdraaien.
Stel je voor dat wij de mannen zouden gaan behandelen alsof zij tweederangs burgers waren:
Mannen zijn de nieuwe huisdieren. Je moet ze goed opvoeden: duidelijk belonen als ze iets snappen (“Goed zo, Henk, je hebt geluisterd naar het gesprek zonder over jezelf te beginnen!”) en consequent negeren als ze ongewenst gedrag vertonen (“Nee Kees, geen ongevraagde dickpics, af!”). Ze mogen buiten alleen mee aan de lijn. We laten ze uit in speciaal aangelegde man-losloopgebieden, waar ze mogen voetballen, mopperen en elkaars foto’s van de nieuwe grasmaaier bewonderen.
De man is als een mindere versie van de vrouw, die op de wereld is gezet om ons vrouwen te ondersteunen. Een handige spier in een verder grotendeels decoratieve verpakking. Prima om een televisie mee op te hangen, een IKEA-kast in elkaar te flansen of, op gezette tijden, een zaaddonatie af te staan in een schoon potje. Lief. Nuttig, af en toe. Maar verder... laten we eerlijk zijn: in de grote lijnen van de beschaving zijn vrouwen de architecten, en mannen de af en toe aanwezige klusjesdienst. We zouden ze complimenteren als ze zelfstandig hun broek hadden gevonden (“Wat knap van jou!”). Bij vergaderingen krijgen ze een kleurplaat. Bij ruzies een dutje. Op de basisschool leren jongens al dat ze ooit een goede second-in-command mogen zijn. Niet omdat het moet. Maar omdat het schattig is als ze het proberen.
Hoe zouden mannen hierop reageren? Een koekje van eigen deeg. Ik denk niet zo goed. Ik denk niet dat ze dit leuk zouden vinden. Toch blijven ze dit bij ons doen. Alsof wij terug de grot in moeten, om daar wortels te sorteren op kleur. Misschien is het tijd dat wij opstaan. Niet om de macht te grijpen, maar om hem niet langer weg te geven. Niet om een speer te gooien, maar om hem vriendelijk doch beslist uit zijn handen te nemen. “Rustig maar, bro. De tijd van de speer is voorbij.”
Hun reactie op de verschuivingen is op social media al zichtbaar. De alfa bro’s en incels gooien zich op de vloer van TikTok alsof iemand hun speelgoed heeft afgepakt. Ze jammeren dat vrouwen “verwarrend” zijn geworden, “arrogant”, “onnatuurlijk”. Maar wat ze bedoelen is: onafhankelijk. Zelfvoorzienend. Vrij.
Elke keer dat vrouwen opstaan, wordt er ergens een mannelijk ego wakker dat zich ontheemd voelt. Bij het vrouwenkiesrecht. Bij de pil. Bij #MeToo. En nu, in dit tijdperk waarin we alles kunnen zijn wat we willen is de backlash heviger dan ooit. En dat is misschien wel het meest radicale aan vrouw-zijn: dat we ondanks al het neersabelen, nog steeds de wereld optillen. Niet om hem boven mannen te houden, maar om hem in balans te brengen. Maar het is vermoeiend. We zijn geen bedreiging. We zijn gewoon klaar met het vragen om toestemming. We willen niet meer in de wachtrij staan om ons bestaansrecht op te mogen halen bij een man die denkt dat hij de poortwachter is van onze waarde. We willen gelijkheid. Dat was altijd het plan. Maar als je generatie op generatie blijft proberen iemand te onderdrukken, dan krijg je op een gegeven moment een vrouw die het zat is. Geen boze vrouw. Geen hysterische vrouw. Geen vrouw-met-een-agenda. Gewoon: een vrouw die opstaat. Het zwakkere geslacht? Pardon, wij zijn de apex van de evolutie.




















Dit is natuurlijk nog maar het topje van de ijsberg. Er zijn ongetwijfeld meer invalshoeken. Dus ik ben benieuwd: wat zou jij hieraan toevoegen? Laat het weten in de reacties.
Oooh wat mooi, full stop